Cholesterol is een zogenaamd sterol dat zorgt voor het transport van transmitterstoffen en proteïnen naar de celmembranen. Om meteen een einde te maken aan een wijd verbreide misvatting: cholesterol is geen vet! Het functioneert in het lichaam als voorloper van steroïdhormonen (testosteron, oestradiol, progesteron, corticoïden) en galzuur. Voor deze functies is cholesterol een natuurlijk, levensbelangrijk bestanddeel van de menselijke stofwisseling. Toch verwijst men naar de cholesterolwaarden en triglyceridewaarden in de omgangstaal als “bloedvetwaarden“.

Cholesterol wordt voor ongeveer 90% door het lichaam zelf aangemaakt. Via de lever wordt er ongeveer 500mg cholesterol per dag uitgescheiden. Voor een gezonde cholesterolspiegel is het belangrijk om een evenwicht te behouden tussen de productie van cholesterol, de opname ervan via levensmiddelen en de afbraak.

Als men last heeft van een verhoogde cholesterolspiegel, dan merkt men dit niet meteen op of pas in het eindstadium, namelijk wanneer de bloedvaten al jarenlang aangetast zijn. De bloedvetwaarden moeten door een bloedanalyse bij de arts bepaald worden. Die analyse moet behalve de totale cholesterol en triglyceriden ook de HDL (High Densitiy Lipoprotein = “goede proteïnen”) en LDL (Low Densitiy Lipoprotein = “slechte proteïnen”) omvatten.

Hoge cholesterolspiegel – oorzaken en gevolgen

Bloedvetwaarden verlagen De oorzaken van een verhoogde cholesterolspiegel zijn onder andere:

  • erfelijkheid (familiale hypercholesterolemie),
  • voeding (veel verzadigde vetzuren),
  • weinig beweging,
  • overgewicht (Body Mass Index),
  • leeftijd.

Een te hoge cholesterolspiegel (staat gelijk aan verhoogde bloedvetwaarden) is het resultaat van een ongezonde, vetrijke voeding, maar wordt ook door erfelijke factoren in de hand gewerkt. Meer dan de helft van de veertig-plussers in de westelijke industrielanden hebben een te hoge cholesterolspiegel.

Het gevolg van verhoogde bloedvetwaarden is een afzetting van bloedvetten aan de binnenwand van de bloedvaten. Die aanslag kan zich vastzetten in de slagaders van de hele bloedsomloop. Een hoge bloeddruk is vaak een gevolg van een verhoogde cholesterolspiegel. Het is een sluipend proces dat vele jaren kan duren. Naargelang de doorbloedingsstoornissen van het getroffen gebied, kan de gebrekkige bloedvoorziening in dat deel van het lichaam verdere schade veroorzaken:

  • bij een doorbloedingsstoornis van de bekkenslagader zijn het bijv. erectiestoornissen,
  • doorbloedingsstoornissen in het binnenoor leiden tot tinnitus en duizeligheid,
  • bij de ogen ontstaan er zichtstoornissen en een macula-degeneratie.
  • lichaamsweefsel dat van de bloedvoorziening afgesneden wordt, sterft snel af.
  • het risico op trombosen neemt sterk toe, net als de complicaties: longembolie en beroertes.

Door het voedingspatroon gericht te wijzigen, kan men de cholesterolspiegel duidelijk verlagen. Vooral fytosterinen staan bekend om hun cholesterolverlagend effect. Ook de inname van de aminozuren carnitine, arginine en taurine en van vitaminen en sporenelementen kan een gunstige invloed op de cholesterolspiegel hebben.

Wat is cholesterol?

Cholesterol behoort tot de groep van de sterolen. Samen met de triglyceriden is cholesterol belangrijk voor de celmembranen in het lichaam. Bovendien heeft het lichaam cholesterol nodig voor de vorming van enkele hormonen. In de lever wordt er uit cholesterol galzuur aangemaakt, dat in de dunne darm voor de vertering van vetten zorgt.

Cholesterol is dus eigenlijk een noodzakelijke stof. In een te grote hoeveelheid is het echter extreem schadelijk.

Bloedvetwaarden: goede cholesterol – slechte cholesterol

Er bestaan verschillende soorten cholesterol: LDL-cholesterol (Low-Density Lipoprotein) en HDL-cholesterol (High-Density Lipoprotein). Af en toe wordt ook de VLDL -cholesterol gemeten (Very Low Density Lipoprotein). Deze cholesterolsoorten heten “lipoproteïnen”, omdat het om vetten gaat die aan een proteïne gebonden zijn. In deze vorm vloeit de cholesterol door het bloed en zo wordt het in het lichaam getransporteerd.

Bij een analyse van de bloedvetwaarden wordt er in Duitsland meestal in “mg per dl bloed” gemeten terwijl men in het Angelsaksische gebied meestal de uitdrukking “mmol” per l hanteert. De omrekening voor cholesterol is heel eenvoudig: 1 mmol/l = 38,67 mg/dl

HDL-cholesterol is de zogenaamde “goede” cholesterol. HDL-cholesterol transporteert vetten van de bloedvaten naar de lever.

Het aandeel “goede cholesterol” HDL moet meer dan 40 mg per ml bloed bedragen.

LDL-cholesterol en VLDL-cholesterol worden als “slechte cholesterol” beschouwd. LDL-cholesterol transporteert vetten van de lever naar het bloed. Indien u te veel LDL-cholesterol in het bloed hebt, dan loopt u het risico op aderverkalking (arteriosclerose).

Het gehalte LDL-cholesterol in het bloed is het best wanneer het zo klein mogelijk is.  Over het algemeen moet men een gehalte van minder dan 70mg per ml nastreven.

Bij meer dan 70mg per ml LDL-cholesterol stijgt het risico op hart- en vaatziekten. Bij een cholesterolspiegel (LDL) van meer dan 100mg per ml bestaat er een hoog risico op cardiovasculaire aandoeningen, bij meer dan 130mg per ml wordt dat risico zeer groot. Toch is een relatief hoge LDL-cholesterolspiegel tot 160mg per dl aanvaardbaar bij iemand die geen verder risico loopt op hart- en vaatziekten.

De totale cholesterol is de waarde van alle soorten cholesterol in het bloed. Het moet minder dan 200mg per dl bloed bedragen. Bij waarden die groter zijn, spreekt men van “hypercholesterolemie“.

De gemiddelde totale cholesterolspiegel bedraagt op veertigjarige leeftijd ongeveer 230mg per dl en stijgt naarmate men ouder wordt. Veel mensen lijden dus aan te hoge cholesterolspiegel.

Triglyceriden zijn vetten en oliën die in het bloed opgelost zijn. De waarde van de triglyceriden moet dus minder dan 200mg per dl zijn. Onder de 150mg per dl (< 1,7 mmol per l) is eigenlijk nog beter. Hoge triglyceridewaarden verhogen het risico op trombosen en arteriosclerose.

Belangrijker nog dan de totale cholesterolspiegel is de verhouding van LDL tot HDL. Deze bedraagt het best minder dan vier, of zelfs minder dan drie, d.w.z. dat de LDL in het bloed hoogstens viermaal zo hoog mag zijn als de HDL.

Verhouding van LDL tot HDL is belangrijk

Behalve het absolute maximumgehalte cholesterol is vooral de verhouding van HDL-cholesterol tot LDL-cholesterol belangrijk voor het risico op hartinfarcten en beroertes. Is de verhouding van LDL tot HDL 3:1 of minder, dan is het risico klein. Dit is een LDL-spiegel van minder dan 100 mg per dl bloed en een HDL-spiegel (de “goede cholesterol”) van ongeveer 40mg per dl of meer.

Relatief hogere waarden van LDL-cholesterol verhogen het risico op hartinfarcten. Bij een verhouding van 4:1 of meer (LDL tot HDL) gaat men uit van een groot risico.

Wat zijn de gevolgen van een verhoogde cholesterolspiegel?

Cholesterolspiegel, arteriosclerose en aminozurenEen verhoogde cholesterolspiegel veroorzaakt onmiddellijke schade aan de slagaders. Aan de binnenwand van de bloedvaten (endotheel) zetten zich bloedvetten af. Deze aanslag is eerst sponsvormig en wordt harder met de jaren.

Die bloedvetten zorgen ervoor dat de bloeddoorstroming eerst langzamer verloopt en later volledig verhinderd wordt. Bovendien worden de stofwisselingsprocessen in de bloedvaten verstoord, zodat de bloedvaten niet meer voldoende kunnen uitzetten. Een hoge bloeddruk is dus, op lange termijn, een gevolg van hogere cholesterolwaarden.

Indien er verdere risicofactoren voor arteriosclerose optreden, samen met verhoogde bloedvetwaarden, dan is het des te belangrijker om een te hoge cholesterolspiegel te verlagen. Andere risicofactoren voor aderverkalking zijn:

  • overgewicht
  • roken
  • te weinig beweging
  • verhoogde bloeddruk
  • diabetes mellitus

Arteriosclerose (beschadigde bloedvaten) is de oorzaak van hart- en vaatziekten, een hoge bloeddruk, doorbloedingsstoornissen en bij mannen ook erectiestoornissen.

Aminozuren en vetstofwisseling of cholesterolspiegel

Aminozuren

L-carnitine

Cholesterolspiegel verlagen L-carnitine transporteert vetzuren naar de cellen. Daar worden ze in energie omgezet. Verschillende studies met L-carnitine hebben aangetoond dat carnitine bij de deelnemers tot een lagere cholesterolspiegel kan leiden. Daarbij werd enkel de slechte LDL-cholesterol verlaagd. Het gehalte goede cholesterol (HDL) bleef constant bij de deelnemers.

1

In een onderzoek werd er gedurende acht weken 900mg L-carnitine per dag ingenomen. De deelnemers van het onderzoek konden zo hun cholesterolspiegel aanzienlijk verlagen.2 Een andere studie toonde aan dat de cholesterolwaarden verbeterden bij patiënten met vetstofwisselingsstoornissen nadat ze zes weken lang 3.000mg L-carnitine per dag genomen hadden.3 De neutrale vetten in het bloed werden gereduceerd en de verhouding van de totale cholesterol tot de HDL-cholesterol verbeterde.

Taurine

Taurine stimuleert het galzuur. Daarnaast heeft het licht bloeddrukverlagende eigenschappen. De vorming van bloedklonters (trombose) is een gevolg van een te hoge cholesterolspiegel. Taurine kan ook het klonteren van de bloedplaatjes verminderen. 4

L-arginine

Arginine bevordert de flexibliteit van de bloedvaten en helpt het lichaam zo om de bloeddruk op een natuurlijke manier te regelen. In de onderzoeken naar arginine stelde men ook vast dat de cholesterolspiegel met 10% verlaagde.5

In een andere studie kon men bovendien aantonen dat de vorming van trombosen verminderde door het gebruik van L-arginine.6

Vitaminen

vitamine C

Vitamine C (ascorbinezuur) speelt een rol bij de afbraak van cholesterol tot galzuur. Het kan triglyceriden en de LDL-cholesterol aanzienlijk verlagen. Dat is het resultaat van een samenvatting van in totaal 13 klinische studies. De aanbevolen dagelijkse minimumhoeveelheid bedraagt 500 mg vitamine C per dag of meer.7

vitamine E

Vitamine E remt de oxidatie van de LDL-cholesterol af en beschermt de cellen door haar anti-oxidatieve werking. Ze wordt daarom vooral in combinatie met vitamine C aanbevolen.8 Men neemt het best minstens 36mg vitamine E per dag in.

Niacine (vitamine B3)

Niacine is vooral in het Amerikaanse gebied geliefd en is een zeer goed onderzochte vitamine. In medische bibliotheken vindt men meer dan duizend artikelen over dit thema. Niacine zorgt ervoor dat de LDL lichtjes daalt en dat de goede HDL-cholesterol verhoogt.

Bij een recenter onderzoek met een extreem hoge dosering niacine (2.000 mg per dag, stemt overeen met de normale voedingsreferentiewaarde x 120) toonden de resultaten weliswaar geen effect op de hart- en vaatziekten. Eventueel moet men hieruit concluderen om slechts tot 100 mg niacine per dag in te nemen, ofwel de referentiewaarde x 6. De onderzoeken hebben hier nog geen definitieve eensgezindheid opgeleverd.

Sporenelementen

Zink

Zink speelt een rol bij veel enzymatische processen. Zink is onder andere noodzakelijk om de vetstofwisseling te reguleren.

Fytosterine

Fytosterine en fytosterolen zijn plantaardige bestanddelen. Er werd aangetoond dat ze de cholesterolspiegel verlagen. De studies en de werking werden ook door de Europese instantie voor levensmiddelen (EFSA) bevestigd.9

In meerdere vooraanstaande onderzoeken werd aangetoond dat door het gebruik van fytosterinen de cholesterolspiegel met 10% à 15% kan dalen.

Cholesterolarme voeding

Cholesterolarme voeding De voeding oefent een belangrijke invloed uit op de cholesterolspiegel. Men kan de hoeveelheid cholesterol in de voeding op een heel eenvoudige manier verminderen. Zo bevat 100g boter 240mg cholesterol, margarine bevat slechts 7mg cholesterol per 100g.

Eigenlijk moet men vetrijke dierlijke levensmiddelen vermijden. Groenten en fruit zijn gezond, want ze bevatten geen cholesterol. De vetten die het lichaam nodig heeft, moet men vooral via meervoudig onverzadigde vetzuren (omega-3) opnemen, dus via vetrijke vis, olijfolie, zonnebloemolie of distelolie.

Terwijl vis gunstig is bij hypercholesterolemie, zijn schaaldieren (krab, scampi, kreeft enz.) niet aan te raden, want deze hebben een zeer hoge cholesterolspiegel.

Deze voedingsmiddelen zijn doorgaans gezond en aan te raden. Ze verhogen immers de cholesterolspiegel niet:

  • fruit en groente,
  • vooral appelen en erwten binden met hun pectines het galzuur en verlagen zo de cholesterolspiegel;
  • brood, granen;
  • gember, knoflook;
  • olijfolie, zonnebloemolie, distelolie;
  • gevogelte (zonder de vetrijke huid);
  • melk, yoghurt;
  • pasta uit harde tarwe;
  • vis;
  • noten.

Vooral vetrijke, dierlijke voedingsmiddelen verhogen de cholesterolspiegel. Vermijd:

  • dierlijke levensmiddelen, vooral vetrijk runds- en varkensvlees,
  • eigeel,
  • eiernoedels,
  • boter,
  • room,
  • zoetigheden,
  • noten,
  • garnalen, krab en scampi’s.

Het braden van vlees leidt eveneens tot meer cholesterol in de voeding.

Sport en uw levensstijl beïnvloeden de cholesterolspiegel

Cholesterol verlagen door te sporten Voldoende beweging en sport zijn belangrijk voor de gezondheid van de bloedvaten en verlagen de LDL-cholesterolspiegel.

Nicotine en alcohol dragen bij tot een verhoogde cholesterolspiegel en vergroten zo rechtstreeks en onrechtstreeks het risico op cardiovasculaire aandoeningen. Beide worden daarom het best vermeden.

Geneesmiddelen

Voor cholesterolverlagende geneesmiddelen is een doktersvoorschrift nodig want ze zijn niet eenvoudig te gebruiken en ze veroorzaken bijwerkingen.

Statinen zijn geneesmiddelen die de cholesterolspiegel kunnen verlagen. Ze remmen het enzym af dat in de lever verantwoordelijk is voor de productie van LDL-proteïne. Deze geneesmiddelen kunnen de cholesterolspiegel met 30 procent verlagen. Statinen worden daarom “CSE-remmers” genoemd.

Stoffen die de opname van cholesterol afremmen zijn geneesmiddelen die zich vasthechten aan het slijmvlies van de dunne darm. Ze remmen daar de opname van cholesterol uit de voeding. Geneesmiddelen die de opname van cholesterol tegengaan worden ook samen met CSE-remmers gebruikt.

Fibraten verlagen de productie van triglyceriden in de lever en hebben zo een gunstige invloed op de triglyceridenspiegel in het bloed. Bovendien kunnen fibraten helpen om het gehalte van de goede HDL-cholesterol te verhogen. Ze verlagen de productie van de LDL-cholesterol met 5 à 20 procent en zijn zo dus minder werkzaam dan de statinen. Het nadeel van fibraten is dat het risico op galstenen groter wordt. Bovendien ondervinden veel patiënten spierpijn en maag- en darmklachten.

Verhoogde homocysteïnewaarden

Verhoogde homocysteïnewaarden zijn quasi de “broer” van verhoogde bloedvetwaarden. Indien de lichaamseigen afvalstof homocysteïne niet voldoende afgebroken wordt, dan blijft homocysteïne in hoge concentraties in het bloed aanwezig en hecht het zich vast aan de binnenwand van de bloedvaten. De gevolgen zijn dezelfde zoals bij een verhoogde cholesterolspiegel: aanslag in de slagaders, arteriosclerose, doorbloedingsstoornissen en de daaruit volgende schade aan de organen, erectiestoornissen en een sterk verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Lees hier meer over de homocysteïnespiegel.

Hier verder lezen!

Welke voedingsmiddelen verlagen de cholesterol?

Goede samenstellingen en hoogwaardige grondstoffen hoeven niet eens duur te zijn. Deze producten met aminozuren en vitaminen zijn gunstig voor uw bloedvetspiegel.
Hier verder lezen!

Verwijzingen uit de literatuur:

  1. Hopkins, J.; “Effect of carnitine on serum HDL-cholesterol: report of two cases”; Medical Journal (1982)Vol. 150, issue 2, pages. 51-54)
  2. Maebashi M et al.; “Lipid lowering effect of carnitine in patients with type IV hyperliproteinemia”; Lancet (1978) 2: 805-807
  3. Pola, P. et al.; “Carnitine in the therapy of dyslipidemic patients”; Curr Ther Res (1980) 27: 763-764
  4. Chapman, R.A., Suleinan, M.S. & Earm, Y.E. (1993) ” Taurine and the heart”, Cardiovascular Research, Volume 27, issue 3, (pp. 358-363)
  5. Hursen, M., Regan, M.C., Kirk S.J. ;”Metabolic effects of arginine in a healthy elderly population”; Journal of Parenteral and Enteral Nutrition, 1995, Volume 19, pages 227-230
  6. Palloshi, A., Fragasso, G., Piatti, P., Monti, L.D., Setola, E., Valsecchi, G., Galuccio, E., Chierchia, S.L. & Margonato, A.; “Effect of Oral L-arginine on Blood Pressure and Symptoms and Endothelial Function in Patients With Systemic Hypertension, Positive Exercise Tests, and Normal Coronary Arteries”; The American Journal of Cardiology, (2004)Volume 93, pages 933-935
  7. McRae MP et al.; “Vitamin C supplementation lowers serum low-density lipoprotein cholesterol and triglycerides: a meta-analysis of 13 randomized controlled trials”; J Chiropract Med 2008; 7; 248-58
  8. Clarke, MW, et al.; “Vitamin E in human health and disease”; Crit Clin Lab Sci; 2008; 45 (5): 417-450
  9. http://www.efsa.europa.eu/en/efsajournal/doc/2203.pdf p.8
Share and help your friends!Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterEmail this to someoneShare on Tumblr